De heer verzoeker bevindt zich in een problematische schuldensituatie met een totale schuldenlast van €19.140,56 verdeeld over 11 schuldeisers. Hij heeft een schuldregeling aangeboden in de vorm van een nul-aanbod, dat door alle schuldeisers behalve het Tankstation is aanvaard.
Het Tankstation weigert in te stemmen met het aanbod omdat de schuld is ontstaan door diefstal van brandstof en betoogt dat het aanbod niet het maximaal haalbare is, gezien de mogelijke toekomstige arbeidscapaciteit van verzoeker. De rechtbank weegt het beperkte belang van het Tankstation, dat slechts 0,5% van de totale schuldenlast vertegenwoordigt, af tegen de belangen van verzoeker en de overige schuldeisers.
Gezien de psychische problematiek van verzoeker en de verwachting dat zijn afloscapaciteit niet zal toenemen, acht de rechtbank het nul-aanbod het maximaal haalbare. De rechtbank concludeert dat het belang van verzoeker zwaarder weegt dan dat van het Tankstation en wijst het verzoek tot vaststelling van het dwangakkoord toe. Het verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt niet meer behandeld.