ECLI:NL:RBMNE:2026:1812
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op bezwaar compensatie kinderopvangtoeslag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar van 22 oktober 2024 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. Verweerder, de Dienst Toeslagen, heeft de beslistermijn overschreden en is op 10 april 2025 in gebreke gesteld. Eiseres diende vervolgens op 5 januari 2026 haar beroepschrift in.
De rechtbank stelt vast dat het beroep gegrond is en dat verweerder alsnog binnen een realistische termijn een besluit moet nemen. Gelet op een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is een beslistermijn van zestig weken na het verstrijken van de wettelijke termijn realistisch, wat in deze zaak neerkomt op uiterlijk 20 mei 2026.
De rechtbank legt een dwangsom van €100 per dag op voor elke dag dat verweerder de beslistermijn overschrijdt, met een maximum van €15.000. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres (€467) en het betaalde griffierecht (€54).
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen binnen de gestelde termijn een besluit te nemen met oplegging van een dwangsom en vergoeding van proceskosten.