Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 januari 2026 in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser,
de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente] , verweerder
Procesverloop
€ 408.000,- naar de waardepeildatum 1 januari 2022. Bij deze beschikking heeft de heffingsambtenaar aan eiser als eigenaar van deze woning ook een aanslag onroerendezaakbelasting opgelegd, waarbij deze waarde als heffingsmaatstaf is gehanteerd.
Overwegingen
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk;
- wijst het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn af.
mr. A.A. Mulder griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 22 januari 2026.