ECLI:NL:RBMNE:2026:2203
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Midden-Nederland beveelt tijdige beslissing op bezwaar kinderopvangtoeslag en legt dwangsom op
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag, waarop verweerder niet tijdig heeft beslist. Nadat verweerder in gebreke werd gesteld, stelde eiseres beroep in bij de rechtbank wegens het uitblijven van een besluit.
De rechtbank stelt vast dat de wettelijke beslistermijn is overschreden en sluit zich aan bij de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, die een nadere beslistermijn van zestig weken hanteert. Voor deze zaak betekent dit dat verweerder uiterlijk 4 juni 2026 een besluit moet nemen.
De rechtbank legt een dwangsom van € 100,- per dag op voor elke dag dat verweerder de beslistermijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres en het betaalde griffierecht.
De uitspraak is gedaan zonder zitting, omdat dit niet noodzakelijk werd geacht. De rechtbank draagt verweerder op om binnen de gestelde termijn alsnog een besluit te nemen en de dwangsom te voorkomen.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de Dienst Toeslagen uiterlijk 4 juni 2026 een besluit op bezwaar te nemen en legt een dwangsom op bij overschrijding.