Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 april 2026 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [plaats] , eiseres,
Dienst Toeslagen, verweerder,
Inleiding
Overwegingen
Verweerder moet alsnog een besluit nemen
Beslissing
te ondertekenen
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar van 23 mei 2025 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn door verweerder is overschreden en dat eiseres de ingebrekestelling op 24 oktober 2025 heeft verzonden, waarna zij tijdig beroep heeft ingesteld.
De rechtbank volgt de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en stelt een nadere beslistermijn van zestig weken na het verstrijken van de wettelijke beslistermijn vast, met een uiterste beslistermijn van 17 december 2026 voor verweerder om een besluit te nemen.
Verweerder wordt veroordeeld tot het betalen van een dwangsom van € 100,- per dag dat de beslistermijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000,-. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres en het betaalde griffierecht. De rechtbank draagt verweerder op om uiterlijk 17 december 2026 een besluit op bezwaar bekend te maken.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt verweerder op uiterlijk 17 december 2026 een besluit op bezwaar bekend te maken, met oplegging van een dwangsom en vergoeding van proceskosten.