ECLI:NL:RBMNE:2026:326
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op verzoek om herbeoordeling WIA-aanvraag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat dit bestuursorgaan niet tijdig heeft beslist op haar verzoek om herbeoordeling van een WIA-aanvraag. De rechtbank stelt vast dat het UWV de aanvraag op 4 februari 2025 ontving en dat het niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist, ondanks een ingebrekestelling die op 22 juli 2025 werd ontvangen.
De rechtbank bepaalt dat het UWV alsnog binnen vier maanden na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Deze termijn is verlengd vanwege de bekende achterstanden bij het UWV door een tekort aan verzekeringsartsen, conform eerdere jurisprudentie. Daarnaast wordt een dwangsom van € 100 per dag opgelegd voor elke dag dat de beslistermijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000.
Verder veroordeelt de rechtbank het UWV tot betaling van de proceskosten van € 467 aan eiseres, omdat zij een professionele gemachtigde inschakelde, en tot vergoeding van het griffierecht van € 385. De uitspraak is gedaan door rechter R.C. Stijnen en uitgesproken op 23 januari 2026.
Uitkomst: Het UWV moet binnen vier maanden alsnog beslissen op het verzoek om herbeoordeling en betaalt een dwangsom en proceskosten aan eiseres.