Uitspraak
RECHTBANK Midden-Nederland
1.De procedure
2.Waar de zaak over gaat
- eraan mee te werken dat de notaris de waarborgsom van € 116.250,00 aan [gedaagde] terugbetaalt, met reële executie;
- de contractuele boete van € 77.500,- aan [gedaagde] te betalen (dan wel, subsidiair, € 5.000,00 aan buitengerechtelijke incassokosten).
3.De beoordeling
- dat de rechtsgeldigheid van het door [E ] . gepretendeerde tweede hypotheekrecht nog onderwerp is van diverse lopende procedures;
- dat zij verwacht dat de rechter vanwege de onder 3.4 genoemde redenen uiteindelijk zal beslissen dat dit hypotheekrecht niet bestaat en dat de woning aan [F] moet worden teruggeleverd;
- dat [eiser] de woning daarom beter niet kan doorverkopen; en
- dat als [eiser] de woning toch doorverkoopt, zij potentiële kopers duidelijk moet maken dat de eigendomstitel van [eiser] nog in geschil is.
- uit de onder 3.5 genoemde brief van 29 januari 2026;
- uit de beschikking van 11 juli 2025 waarin deze rechtbank toestemming heeft verleend voor de onderhandse verkoop van de woning aan [eiser] .
ESP verzoekt de procedure te verwijzen naar de rechtbank Amsterdam, omdat daar