Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 juli 2026 op het verzet van
[opposant] , uit [plaats] , opposant
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank van het verzet
23 december 2025 terecht is geoordeeld dat buiten redelijke twijfel [1] is dat het beroep ongegrond is. De rechtbank kijkt (nog) niet of opposant gelijk heeft met zijn beroep. Dat gebeurt pas als de rechtbank van oordeel is dat de uitspraak van de rechtbank van
23 december 2025 niet juist was.
23 december 2025. Opposant heeft weliswaar op 20 februari 2026 gronden ingediend, maar er is volgens de rechtbank geen geldige reden waarom opposant dit niet voor
12 februari 2026 had kunnen indienen.
23 december 2025 in stand blijft.
Beslissing
- verklaart het verzet niet-ontvankelijk;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
mr.D. Burggraaf, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2026.