Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord,
- de conclusie van repliek,
- de conclusie van dupliek,
- de akte van [eiseres] .
2.De kern van de zaak
3.De beoordeling
- De exploitatieverplichting is uitsluitend opgenomen in de algemene bepalingen, waarover (iets anders blijkt niet) niet is onderhandeld of gesproken. In de huurovereenkomst staat alleen
- De aanvangshuur bedroeg € 2.833,33 exclusief btw per maand. Het gefixeerde boetebedrag is € 250,00 per dag, dus (30 x € 250,00 =) € 7.500,00 per maand, dus ruim 2,5 keer de maandhuur. Als prikkel tot nakoming van een voorwaarde die niet eens in de huurovereenkomst zelf is opgenomen, is dat onbillijk.
- [eiseres] heeft aangevoerd dat haar belang bij exploitatie van de winkel is om verpaupering tegen te gaan. Daardoor zou (zo stelt [eiseres] ) de waarde van haar andere panden in de buurt verminderen en zou [eiseres] schade lijden. Maar [eiseres] heeft op geen enkele manier duidelijk gemaakt wat de orde van grootte van zo’n schade is. Helder is dat een dergelijke schade moeilijk te kwantificeren valt, maar op zijn minst had [eiseres] kunnen stellen hoeveel panden zij in de buurt bezit en wat een procentuele achteruitgang van die waarde concreet in geld betekent. Omdat [eiseres] dat niet doet, blijft volstrekt onduidelijk hoe hoog de schade van [eiseres] is.
- Als prikkel tot nakoming voldeed de boete op een gegeven moment niet meer. Nadat [gedaagde] de exploitatie had gestaakt in maart 2024 heeft [eiseres] [gedaagde] naar behoren aangemaand om deze terug op te pakken, inclusief een door [eiseres] aangespannen kort gedingprocedure. Kennelijk heeft [gedaagde] € 30.000,00 aan dwangsommen betaald aan [eiseres] . Maar nadat dat allemaal niet tot gevolg had dat [gedaagde] zijn verplichtingen nakwam, moet duidelijk zijn geweest dat [gedaagde] dat niet meer ging doen. Volledige verschuldigdheid van de boete tot aan het eind van de huurperiode acht de kantonrechter dan onbillijk. Van belang daarbij is ook dat [gedaagde] kennelijk de huur altijd heeft doorbetaald.