ECLI:NL:RBMNE:2026:646
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op verzoek herbeoordeling arbeidsongeschiktheid WIA
Eiseres heeft op 8 mei 2024 een verzoek ingediend bij het UWV tot herbeoordeling van de arbeidsongeschiktheid van de heer A op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Het UWV ontving dit verzoek op 27 mei 2024, maar heeft niet tijdig een beslissing genomen. Eiseres heeft vervolgens een ingebrekestelling gestuurd, waarna het UWV nog steeds niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist.
De rechtbank stelt vast dat het UWV in gebreke is gebleven en bepaalt dat het UWV alsnog binnen vier maanden na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Deze termijn is verlengd vanwege het tekort aan verzekeringsartsen, wat een bijzondere omstandigheid vormt. Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom op van €100 per dag met een maximum van €15.000 voor elke dag dat het UWV de beslistermijn overschrijdt.
Verder wordt het beroep gegrond verklaard, het niet tijdig nemen van een besluit vernietigd en het UWV veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiseres, inclusief het griffierecht. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting omdat dit niet nodig wordt geacht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het UWV wordt opgedragen binnen vier maanden alsnog een besluit te nemen, met oplegging van een dwangsom bij overschrijding.