ECLI:NL:RBMNE:2026:687
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen eigen bijdrage Wet langdurige zorg te laat en niet-ontvankelijk verklaard
Eiseres ontving zorg op grond van de Wet langdurige zorg en kreeg een besluit van het CAK waarin een eigen bijdrage van €724,98 per maand werd opgelegd. Het primaire besluit werd op 8 juli 2025 bekendgemaakt, waarna de termijn voor bezwaar op 19 augustus 2025 eindigde.
Eiseres stuurde op 14 juli 2025 een bezwaarschrift per e-mail naar een verkeerd adres dat niet toebehoorde aan het CAK, waardoor het bezwaar niet tijdig werd ontvangen. Pas op 18 september 2025 ontving het CAK een bezwaarschrift van 13 september 2025, wat te laat was. Eiseres stelde dat zij te goeder trouw handelde en dat telefonische toezeggingen van het CAK de indruk wekten dat het bezwaar in behandeling was.
De rechtbank oordeelde dat het CAK terecht het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde omdat het primaire besluit duidelijk aangaf op welke wijze bezwaar kon worden gemaakt, namelijk via de website of per post, en niet per e-mail. De verwarring over het e-mailadres was voor rekening van eiseres. Telefonische gesprekken gaven geen reden om aan te nemen dat het bezwaar in behandeling was. Ook de verlenging van de beslistermijn door het CAK impliceerde geen ontvankelijkheid.
Daarom blijft het bestreden besluit in stand en is het beroep ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaar te laat en zonder geldige reden is ingediend.