ECLI:NL:RBNHO:2013:11858
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.H.L.C. Bijvoet
- A. van Dongen
- O. Nijhuis
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroepen tegen navorderingsaanslagen douanerechten op tonijnconserven
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen twee navorderingsaanslagen (utb’s) van de Belastingdienst/Douane, ter zake invoer van tonijnconserven uit Ecuador met preferentieel tarief op basis van Forms A. De Douane baseerde de aanslagen op onderzoek van OLAF waaruit bleek dat de tonijn niet voldeed aan oorsprongseisen, met name de 75%-bemanningsvereiste op vissersschepen onder Panamese vlag.
De rechtbank oordeelde dat voor één utb de termijn om te reageren op het voornemen tot navordering te kort was, maar dat dit geen gevolgen had omdat eiseres niet concreet had gemaakt wat zij anders had willen onderzoeken. Voor de tweede utb was de termijn wel toereikend. Eiseres voerde aan dat de OLAF-rapportages onbetrouwbaar waren, verwijzend naar een brief over Spaanse certificaten, maar de rechtbank vond die niet relevant voor de Panamese situatie en concludeerde dat de Douane terecht uitging van niet-naleving van oorsprongsregels.
Eiseres stelde ook dat de utb’s verminderd moesten worden omdat een deel van de tonijn wel aan oorsprongseisen voldeed, maar de rechtbank stelde vast dat door vermenging op het schip geen onderscheid meer mogelijk was. Daarom kon voor alle tonijnconserven navordering plaatsvinden. De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De beroepen tegen de navorderingsaanslagen worden ongegrond verklaard.