ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ0290
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling van schuldoverneming zonder toestemming van de ontvanger
Eiser heeft aan zijn kinderen certificaten van aandelen geschonken onder last van een schuld, waardoor hij inkomstenbelasting verschuldigd werd. De belastingschuld werd door eiser aan zijn BV overgedragen, maar de ontvanger van de Belastingdienst heeft geen toestemming gegeven voor deze schuldoverneming. De BV heeft zich verplicht de belastingschuld te voldoen indien eiser wordt aangesproken.
De rechtbank stelt vast dat de schuldoverneming op grond van artikel 6:155 BW Pro zonder toestemming van de schuldeiser (ontvanger) geen werking heeft jegens die schuldeiser. Hierdoor blijft de schuldverhouding tussen eiser en de ontvanger ongewijzigd. De schuldoverneming werkt slechts tussen eiser en de BV.
Eiser betoogde dat de belastingschuld niet meer tot zijn vermogen behoort en dat deze in mindering zou moeten worden gebracht op het vermogen ter beschikking gesteld aan de BV, maar de rechtbank volgt dit niet. De belastingschuld blijft een schuld van eiser en wordt niet beschouwd als een schuld die samenhangt met de terbeschikkingstelling van vermogen aan de BV.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek tot herziening van de voorlopige aanslag af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de voorlopige aanslag blijft ongewijzigd.