ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ4839
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling kinderopvangtoeslag en bevoegdheid herziening en terugvordering
Eiseres ontving in 2010 een definitieve vaststelling van kinderopvangtoeslag over 2008. Verweerder stelde bij besluiten in 2012 dat eiseres teveel toeslag had ontvangen en vorderde € 3.136 terug wegens schending van de mededelingsplicht. De rechtbank oordeelt dat herziening van de toeslag slechts mogelijk is op grond van artikel 21 Awir Pro, maar verweerder heeft niet aangetoond dat aan de voorwaarden van dit artikel is voldaan.
De rechtbank stelt vast dat artikel 21, onder a, niet van toepassing is en dat verweerder onvoldoende bewijs heeft geleverd dat eiseres wist of behoorde te weten dat de toeslag te hoog was toegekend, zoals vereist onder artikel 21, onder b. De motivering van het bestreden besluit voldoet niet aan de eisen van zorgvuldigheid en motivering volgens de Awb.
Daarom vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en herleeft het oorspronkelijke besluit van 2010. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiseres. Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit komt te vervallen.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot terugvordering van kinderopvangtoeslag wordt vernietigd en het oorspronkelijke besluit blijft van kracht.