ECLI:NL:RBNHO:2013:BZ5487
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.S. Röell
- H.J.M. Burg
- J.E. van Praag
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Noord-Holland stelt schade vast in Safe Haven zaak tegen bank en derden
In deze civiele procedure vordert Stichting Volendam namens individuele beleggers schadevergoeding van de bank en twee andere gedaagden wegens onrechtmatig handelen in de Safe Haven beleggingsconstructie.
De rechtbank stelt vast dat de bank vanaf 15 oktober 1996 de Safe Haven rekening had moeten sluiten en aansprakelijk is voor de daaropvolgende verliezen. De schade van individuele beleggers wordt per geval vastgesteld, waarbij de mate van eigen schuld van de beleggers op 50% wordt gesteld, gelet op hun onvoorzichtig handelen en het vertrouwen op mondelinge toezeggingen.
De rechtbank wijst de vorderingen van de Stichting toe tot een totaalbedrag van € 2.927.545,45 tegen de bank en € 6.977.721,25 tegen de andere gedaagden, met wettelijke rente vanaf 3 februari 1999. De rechtbank wijst de gevorderde buitengerechtelijke kosten af wegens onvoldoende onderbouwing en bepaalt dat de kosten van de deskundige voor rekening van de bank blijven.
De veroordelingen zijn uitvoerbaar bij voorraad en de rechtbank neemt een vrijwaringsverplichting op ten behoeve van de andere gedaagden. De rechtbank wijst overige vorderingen af en blijft bij eerdere beslissingen omtrent cessies en ontvankelijkheid.
Uitkomst: De bank wordt veroordeeld tot betaling van ruim 2,9 miljoen euro schadevergoeding aan Stichting Volendam en beleggers, met eigen schuld vastgesteld op 50%.