ECLI:NL:RBNHO:2014:10956
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid naheffingsaanslag loonheffingen wegens onjuiste toepassing afroommethode
Eiseres, houdstermaatschappij met één werknemer [B], kreeg een naheffingsaanslag loonheffingen opgelegd over 2012 door verweerder. Verweerder corrigeerde het door eiseres opgegeven loon van [B] met de afroommethode, gebaseerd op de omzet van de werkmaatschappij [A BEDRIJF]. Eiseres betwistte deze correctie en stelde dat het loon van [B] vergelijkbaar is met dat van een seniorjurist, waardoor de vergelijkingsmethode passend is.
De rechtbank overwoog dat het door eiseres opgegeven loon hoger is dan het normbedrag van € 42.000, waardoor de bewijslast bij verweerder ligt om aan te tonen dat het gebruikelijke loon hoger is. De rechtbank volgde verweerder niet in zijn standpunt dat de afroommethode exclusief moet worden toegepast en oordeelde dat de vergelijkingsmethode ook relevant is. Omdat bij toepassing van de vergelijkingsmethode geen sprake is van een loon dat in belangrijke mate afwijkt, is de naheffingsaanslag onterecht.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de naheffingsaanslag en de belastingrente, en veroordeelde verweerder in de proceskosten van € 1.460. Tevens werd verweerder opgedragen het betaalde griffierecht van € 328 aan eiseres te vergoeden.
Uitkomst: De naheffingsaanslag loonheffingen en belastingrente worden vernietigd wegens onjuiste toepassing van de afroommethode.