Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Procesverloop
€ 524.913. Bij beschikkingen van dezelfde datum heeft verweerder een verzuimboete opgelegd van € 4.537 en € 17.860 heffingsrente berekend.
4 maart 2013.
2.Tussen partijen vaststaande feiten
clearing housesen vijf
central securities depositoriesexploiteert. [BEURSONDERNEMING] biedt ook handelsplatformen aan voor de verhuur, marketplace for hire (M4H) voor alle belangrijke beleggingscategorieën.
- de licentie voor het gebruik van de benodigde hard- en software;
- de configuratie en implementatie van M4H naar de wensen en voorwaarden van eiseres;
- het feitelijk opereren en beheer van het handelsplatform, waarbij eiseres eindverantwoordelijk is voor het naleven van de regels conform de Wft en MiFID.
-wijzigingen. Een deel bestaat uit variabele fees voor het opereren van het handelsplatform, die afhankelijk zijn van het aantal transacties (verbijzonderd naar cash market, derivative market en derivative market clearing fee). De derivative market clearing fee wordt gedeeld tussen [BEURSONDERNEMING] en [BANK] N.V. (hierna: [BANK]), per 1 juli 2010 [BANK] N.V.
€ 38.869)), is niet in geschil. In beroep is de voldoening van omzetbelasting over de diensten van [F-BEDRIJF] SA niet in geschil.
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
5.Proceskosten
6.Beslissing
- verklaart het beroep met het nummer AWB 13/1217 gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar van 30 januari 2013 voor zover die betrekking heeft op de verzuimboete;
- vernietigt de verzuimboete en bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het vernietigde besluit;
- gelast dat verweerder het door eiseres betaalde griffierecht van € 318 vergoedt;
- verklaart het beroep met het nummer AWB 13/1397 ongegrond.
mr. M.C.A. Onderwater, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.A. Carter, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 7 april 2014.