Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sancties
- het uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 1 februari 2016, waaruit blijkt dat verdachte eerder is veroordeeld;
- het Pro Justitia rapport van [GZ-psycholoog] , GZ-psycholoog, van 22 juli 2015;
- het uitgebreid advies van de Raad voor de Kinderbescherming van 1 oktober 2015.
7.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
ÉÉNHONDERD EN VIJFTIG (150) URENtaakstraf in de vorm van een werkstraf, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door VIJFENZEVENTIG (75) dagen jeugddetentie
EENHONDERD (100) DAGEN.
nietten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van twee jaren.
- zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt.
- medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 77aa, eerste tot en met het vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen.
[naam] ,geleden schade tot een bedrag van
€ 694,26, bestaande uit materiële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag aan [naam] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting. Bepaalt dat indien genoemd bedrag geheel of gedeeltelijk door een medeverdachte is betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd.