ECLI:NL:RBNHO:2017:3639
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.J.A.M. van Brussel
- S.M. Auwerda
- A.T.B. de Vries
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding en verzwijging vermogen
Eiseres ontving vanaf 1987 tot 2016 bijstandsuitkering, laatstelijk op grond van de Participatiewet. Verweerder trok de uitkering per 11 april 2007 in en vorderde terugbetaling van ten onrechte ontvangen bijstand wegens het voeren van een gezamenlijke huishouding met haar ex-echtgenoot en het verzwijgen van een vermogen boven de vermogensgrens, bestaande uit een collectie Swarovski kristallen beeldjes.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eiseres gedurende de gehele periode beschikte over vermogen boven de toegestane grens en dat zij haar inlichtingenplicht niet is nagekomen. De verklaringen van eiseres tijdens het onderzoek en het proces-verbaal vormden een voldoende basis voor deze conclusie.
Het beroep van eiseres, die stelde dat de waarde van de kristallen niet boven de vermogensgrens uitkwam en dat de dagwaarde in mindering moest worden gebracht, werd ongegrond verklaard. De rechtbank benadrukte dat de dagwaarde relevant is voor de invordering, maar niet voor de vaststelling van het terugvorderingsbedrag.
De rechtbank bevestigde dat de intrekking en terugvordering rechtmatig zijn en wees het beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking en terugvordering van de bijstand wordt ongegrond verklaard.