ECLI:NL:RBNHO:2017:5520
Rechtbank Noord-Holland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling OV-schuld wegens onterecht gebruik studentenreisproduct ondanks PDD-NOS
Eiser maakte bezwaar tegen meerdere besluiten waarin de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap een OV-schuld vaststelde wegens onterecht gebruik van een studentenreisproduct. Deze besluiten betroffen bedragen variërend van €194 tot €582. Eiser voerde aan dat hij dacht dat het studentenreisproduct was stopgezet toen hij zijn studiefinanciering beëindigde en dat zijn PDD-NOS hem belemmerde in administratieve handelingen.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet tijdig bezwaar had gemaakt tegen de eerste negen besluiten en dat er geen sprake was van een verschoonbare termijnoverschrijding. Voor het tiende besluit werd geoordeeld dat eiser verantwoordelijk is voor het niet tijdig stopzetten van het studentenreisproduct, mede omdat hij meerdere keren schriftelijk was geïnformeerd en hij niet aannemelijk had gemaakt dat zijn PDD-NOS hem verhinderde dit te doen.
De rechtbank concludeerde dat de OV-schuld terecht was vastgesteld en wees het beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het vonnis werd uitgesproken door rechter W.J.A.M. van Brussel op 29 juni 2017.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde OV-schuld wordt ongegrond verklaard en de schuld blijft aan eiser toegerekend.