ECLI:NL:RBNHO:2017:7211
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot nihilstelling partnerbijdrage wegens onvoldoende draagkracht
De man verzocht de rechtbank om de partnerbijdrage, vastgesteld bij beschikking van 28 mei 2014 en gewijzigd op 1 juli 2015, te verlagen of op nihil te stellen met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2016. Hij stelde dat hij zijn alimentatieverplichting alleen kon nakomen door zijn schuld aan zijn vennootschap te vergroten en dat de vrouw onvoldoende inspanningen verrichtte om in haar eigen levensonderhoud te voorzien.
De vrouw voerde gemotiveerd verweer en betwistte de draagkrachtbeperking van de man en de stelling dat zij geen inspanningen levert. De rechtbank overwoog dat het advies van het LBIO, gebaseerd op gegevens van de man zonder inzage in onderliggende stukken, niet als wijzigingsgrond kon dienen. De behoefte van de vrouw werd bevestigd op € 5.580 bruto per maand.
De man had onvoldoende bewijs geleverd van zijn financiële situatie over de relevante jaren en had nagelaten een volledige draagkrachtberekening en onderliggende stukken te overleggen. Ook gaf hij geen inzicht in zijn deelname aan andere vennootschappen en de besteding van een management fee. De rechtbank concludeerde dat het verzoek onvoldoende was onderbouwd en wees het af.
Uitkomst: Het verzoek van de man om de partnerbijdrage op nihil te stellen wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van zijn draagkracht.