In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen een besluit van de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. De rechtbank heeft in een tussenuitspraak geoordeeld dat eiser voldoet aan de voorwaarden voor verstrekking van een iPad Pro met toebehoren en dat verweerder deze voorziening niet redelijkerwijs kon weigeren.
Naar aanleiding van de tussenuitspraak heeft verweerder een nieuw besluit genomen waarin de gevraagde voorziening alsnog is toegekend, inclusief een Apple pen, koptelefoon, beschermbox en toetsenbord. De rechtbank heeft vastgesteld dat hiermee het beroep feitelijk is gehonoreerd.
Omdat verweerder met het nieuwe besluit volledig tegemoet is gekomen aan de aanvraag van eiser, is het beroep tegen het oorspronkelijke besluit niet-ontvankelijk verklaard. Daarnaast is verweerder verplicht het griffierecht aan eiser te vergoeden. Er is geen aanleiding voor vergoeding van overige proceskosten.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Rechtbank Noord-Holland op 13 oktober 2017 en is openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep binnen zes weken na verzending.