Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 29 maart 2017
- het proces-verbaal van comparitie van 29 augustus 2017.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
904,00(2 punten × tarief € 452,00)
Rechtbank Noord-Holland
Eiser kocht een starterswoning inclusief grond en parkeerplaats van Stichting Pré Wonen. Hij stelde dat Pré Wonen onrechtmatig had gehandeld door hem onjuiste informatie te geven over de grondprijs en dat zij zich ongerechtvaardigd had verrijkt. Eiser vorderde een specificatie van de grondprijs, een verklaring voor recht van onrechtmatig handelen en schadevergoeding.
De rechtbank overwoog dat de koopovereenkomst tussen partijen geldig was en dat eiser de prijs onvoorwaardelijk had aanvaard. Er rustte geen informatieplicht op Pré Wonen omtrent de prijsopbouw. Ook was onvoldoende gesteld dat Pré Wonen winst mocht maken op het project of dat zij tekort was geschoten jegens de gemeente. De stelling dat Pré Wonen zich onrechtmatig de parkeerplaatsen had toegeëigend werd niet onderbouwd.
De rechtbank concludeerde dat er geen onrechtmatig handelen of ongerechtvaardigde verrijking was. De vorderingen werden afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af wegens gebrek aan onrechtmatigheid en ongerechtvaardigde verrijking.