Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2018:10232

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
30 januari 2018
Publicatiedatum
26 november 2018
Zaaknummer
AWB - 17/4370
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding termijn indienen beroepschrift Ziektewet

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) waarbij haar Ziektewetuitkering per 22 mei 2017 werd beëindigd. Het bezwaar van eiseres tegen dit besluit was door verweerder ongegrond verklaard. Het beroepschrift van eiseres werd echter pas op 2 oktober 2017 ontvangen, terwijl de wettelijke termijn voor het indienen van het beroepschrift zes weken bedroeg en uiterlijk op 27 september 2017 had moeten worden ingediend.

De rechtbank stelde vast dat het beroepschrift te laat was ingediend, hetgeen door eiseres werd erkend. Hierdoor werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd mondeling gedaan op 30 januari 2018 in aanwezigheid van partijen en hun gemachtigden.

Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep binnen zes weken na verzending van het proces-verbaal. Tevens kan een voorlopige voorziening worden verzocht bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter.

Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn voor het indienen van het beroepschrift.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Zittingsplaats Haarlem
Bestuursrecht
zaaknummer: HAA 17/4370

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van

30 januari 2018 in de zaak tussen

[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. M.P. Spanjer),
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, verweerder
(gemachtigde: J. Knufman).

Procesverloop

Bij besluit van 4 december 2014 heeft verweerder de uitkering van eiseres op grond van de Ziektewet met ingang van 22 mei 2017 beëindigd.
Bij besluit van 24 februari 2015 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser ongegrond verklaard.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 22 april 2015. Eiser is verschenen, bijgestaan door zijn dochter en haar gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Overwegingen

1. De rechtbank geeft hiervoor de volgende motivering.
2. Het beroepschrift van eiseres heeft de rechtbank ontvangen op 2 oktober 2017, na afloop van de termijn van zes weken voor het indienen daarvan. Eiseres had haar beroepschrift uiterlijk 27 september 2017 ter post moeten bezorgen. Blijkens het poststempel op de envelop is het beroepschrift op 29 september 2017 ter post bezorgd. Dit is te laat. Eiseres heeft dat erkend.
3. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Kraefft, rechter, in aanwezigheid van
mr. R. Pronk, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 januari 2018.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending van het proces-verbaal daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.