ECLI:NL:RBNHO:2019:1403
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening vergunning vissen wolhandkrabben in Natura 2000-gebied IJsselmeer
Verzoeker heeft een vergunning aangevraagd voor het vissen op wolhandkrabben met staand want netten in het Natura 2000-gebied IJsselmeer. Gedeputeerde Staten van Noord-Holland hebben deze aanvraag afgewezen omdat niet kon worden uitgesloten dat de activiteit significante negatieve gevolgen zou hebben voor het gebied. Het door verzoeker overgelegde onderzoeksrapport uit 2015 voldeed volgens verweerder niet als passende beoordeling vanwege de beperkte duur en periode van het onderzoek.
Verzoeker heeft vervolgens een voorlopige voorziening gevraagd om alsnog te mogen vissen tot de beslissing op bezwaar. De voorzieningenrechter oordeelt dat het ontbreken van een passende beoordeling een zwaarwegend bezwaar is en dat het onderzoeksrapport onvoldoende zekerheid biedt dat er geen significante effecten zijn op beschermde soorten.
Daarnaast stelt verzoeker dat hem toezeggingen zijn gedaan over vergunningverlening, maar de rechtbank acht het beroep op het vertrouwensbeginsel niet aannemelijk omdat verweerder na het bekend worden van een andere vergunning voor schubvisserij zijn standpunt heeft herzien.
De voorzieningenrechter ziet ook geen reden om op grond van motiveringsgebrek of procedurele vertraging een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek wordt daarom afgewezen en er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de weigering van de vergunning voor het vissen op wolhandkrabben wordt afgewezen.