ECLI:NL:RBNHO:2019:4786
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na eerstejaars beoordeling bevestigd door rechtbank
Eiseres werkte tot april 2016 als productiemedewerker en ontving aansluitend een WW-uitkering. Vanaf juli 2016 kreeg zij een Ziektewetuitkering vanwege zwangerschaps- en bevallingsklachten en medische gevolgen van een aanrijding in januari 2017. Na een eerstejaars beoordeling door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige concludeerde het UWV dat eiseres meer dan 65% van haar maatmanloon kan verdienen in diverse functies, waarop de ZW-uitkering werd beëindigd per juni 2018.
Eiseres maakte bezwaar en stelde dat zij ernstiger beperkt is dan vastgesteld, met aanhoudende klachten en een vermoeden van PTSS. Nieuwe medische verklaringen werden overgelegd, maar de verzekeringsarts bezwaar en beroep handhaafde het eerdere oordeel dat eiseres geschikt is voor de geselecteerde functies. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de beperkingen adequaat waren vastgesteld.
De rechtbank vond geen aanleiding om het oordeel over de belastbaarheid te wijzigen, mede omdat geen medische diagnose van PTSS of invloed daarvan op het arbeidsvermogen was aangetoond. De beëindiging van de ZW-uitkering werd daarom bevestigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van haar Ziektewetuitkering is ongegrond verklaard.