Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige douanekamer van 26 juni 2019 in de zaak tussen
[X] B.V., gevestigd te [Z] , eiseres,
de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Geschil8. In geschil is de (bij uitspraak op bezwaar gehandhaafde) afwijzing door verweerder van het verzoek van eiseres om de twee hiervoor onder 1 en 2 genoemde catch-allbeschikkingen te herzien dan wel ter zake een 'tussenoplossing' te treffen.
Beslissing
- verklaart het beroep voor zover gericht tegen niet tijdig beslissen op bezwaar niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep voor zover gericht tegen de uitspraak op bezwaar voor zover die betreft het verzoek om herziening van de catch-allbeschikking 1 niet-ontvankelijk;
- verklaart het beroep voor het overige ongegrond;
- veroordeelt verweerder tot betaling aan eiseres van een bedrag van € 83,33 aan immateriële schadevergoeding, tot een bedrag van € 256 aan proceskosten en tot een bedrag van € 167 ter vergoeding van het betaalde griffierecht;