Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
enopslag van hooi en stro weliswaar enige ruimte laat voor interpretatie, maar dat de door eiser ingediende stukken, waaronder het beroepschrift, en het verhandelde ter zitting, er geen blijk van geven dat een ander gebruik van de schuur is beoogd dan voor opslag van hooi en stro, voer voor schapen en kippen en voor het onderbrengen van de dieren, het gebruik waarvan verweerder in de besluitvorming ook van is uitgegaan. De voorzieningenrechter ziet geen reden daaraan te twijfelen, temeer nu door verweerder weliswaar is gesteld, maar niet is onderbouwd dat de schuur in het verleden anders dan ten behoeve van het hobbymatig agrarisch gebruik in gebruik was, waarbij ook niet is gebleken dat verweerder tegen dat gebruik handhavend heeft opgetreden. De voorzieningenrechter acht het beoogd gebruik vallen onder de noemer ‘hobbymatig agrarisch gebruik’ zodat dit in overeenstemming is met het bestemmingsplan.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt verweerder op binnen vier weken na de dag van verzending van deze
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 356,- aan eiser te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 525,-.
16 december 2020.