ECLI:NL:RVS:2021:981
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bouwstop en weigering opheffing zonder omgevingsvergunning
De eigenaar van een schuur te Nieuwe Niedorp startte begin 2018 herstelwerkzaamheden zonder omgevingsvergunning, waarop het college een bouwstop en last onder dwangsom oplegde. Deze besluiten werden door de rechtbank bevestigd in 2018.
In 2020 vroeg appellant een omgevingsvergunning aan die werd geweigerd wegens strijd met het bestemmingsplan. De rechtbank vernietigde deze weigering en gaf het college opdracht een nieuw besluit te nemen, maar het college nam dit besluit niet. Appellant verzocht vervolgens om opheffing van de bouwstop, wat het college weigerde vanwege het ontbreken van een vergunning en het ontbreken van bewijs dat de schuur tegen verder verval beschermd moest worden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat zonder omgevingsvergunning geen bouwactiviteiten mogen plaatsvinden, ook niet als de weigering van de vergunning is gebaseerd op het gebruik van de schuur. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat geen toezegging is gedaan dat de bouwstop zou worden opgeheven. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bouwstop blijft gehandhaafd wegens het ontbreken van een omgevingsvergunning.