ECLI:NL:RBNHO:2020:2814
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen individuele en buitensporige last door box 3-heffing ondanks conservatoir beslag op banktegoeden
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2016, waarbij het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen door de Belastingdienst is vastgesteld ondanks conservatoir beslag op zijn bankrekeningen.
De rechtbank stelt vast dat het beslag geen waardeverminderende factor is en dat het banktegoed als bezitting blijft gelden voor de rendementsgrondslag. Tevens oordeelt de rechtbank dat eiser geen individuele en buitensporige last lijdt in de zin van artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM, mede gelet op zijn relatief ruime financiële situatie.
Verder wijst de rechtbank de stellingen van eiser af dat de Belastingdienst onvoldoende voortvarend heeft gehandeld, dat hij mondeling had moeten worden gehoord en dat het bezwaar ten onrechte ongegrond is verklaard. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de aanslag inkomstenbelasting 2016 wordt ongegrond verklaard.