Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Beschikking van de kantonrechter
procedure
- het verzoek met bijlagen, ter griffie ingekomen op 12 december 2019;
- het verweer van de bewindvoerder;
- het verweer van betrokkene, ter griffie ingekomen op 22 januari 2020.
Rechtbank Noord-Holland
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot opheffing van het bij beschikking van 17 januari 2011 ingestelde bewind over zijn goederen. Hij stelt dat hij nu oud en wijs genoeg is om zijn financiën zelf te beheren en wil een eigen woning bouwen in plaats van huren.
De kantonrechter heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van de financiële situatie en het verleden van verzoeker. Verzoeker leeft van een bijstandsuitkering, heeft geen spaargeld en geeft zelf aan maandelijks geld tekort te komen. In 2019 is het bewind gepubliceerd om de bewindvoerder te ondersteunen bij het terugdraaien van onwenselijke uitgaven.
De bewindvoerder heeft aangetoond dat het bewind noodzakelijk is geweest om abonnementen en schulden te beheren. Gezien de geestelijke problemen van verzoeker is het risico groot dat hij belangrijke betalingen niet goed kan overzien, wat kan leiden tot verlies van woning of zorgverzekering.
De kantonrechter concludeert dat het bewind de afgelopen jaren heeft bijgedragen aan stabiliteit en het voorkomen van dakloosheid. Daarom wordt het verzoek tot opheffing van het bewind afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van het bewind wordt afgewezen wegens onvoldoende vermogen van verzoeker om zijn financiën zelfstandig te beheren.