ECLI:NL:RBNHO:2020:5454
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Waarde WOZ woning na renovatie niet gebaseerd op aankoopprijs
De rechtbank Noord-Holland behandelde een geschil over de WOZ-waarde van een woning die in 2017 werd gekocht voor €710.000 en daarna voor circa €207.000 werd gerenoveerd. De waardepeildatum was 1 januari 2018, maar vanwege de renovatie werd de waarde bepaald naar de staat van 1 januari 2019.
Eiser stelde dat de WOZ-waarde te hoog was vastgesteld en baseerde zijn beroep op de aankoopprijs vermeerderd met een deel van de renovatiekosten, ondersteund door een taxatierapport met een waarde van €970.000. Verweerder stelde zich op het standpunt dat de waarde juist was vastgesteld op €1.099.000, gebaseerd op een taxatierapport met vergelijkingsobjecten.
De rechtbank oordeelde dat de aankoopprijs niet langer representatief is voor de waarde na de ingrijpende renovatie. De taxatiemethode van verweerder, gebaseerd op vergelijkingsobjecten, werd als betrouwbaar en passend beoordeeld. De rechtbank verwierp de bezwaren over onjuiste gegevens en concludeerde dat de waarde niet te hoog was vastgesteld.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aanslag onroerende-zaakbelastingen bleef gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de aanslag OZB blijft gehandhaafd.