Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
- het op naam van verdachte staand Uittreksel Justitiële Documentatie, gedateerd [datum] , waaruit blijkt dat verdachte in de vijf jaren voorafgaand aan de door hem begane feiten niet eerder onherroepelijk is veroordeeld voor soortgelijke feiten;
- het over verdachte uitgebrachte voorlichtingsrapport gedateerd [datum] van Reclassering Nederland, opgesteld door [naam 1] , reclasseringswerker, en [naam 2] , unitmanager, waarin onder meer is vermeld dat een toezicht door de reclassering onuitvoerbaar is, gezien verdachtes illegale status in Nederland en altijd weigerachtige houding ten opzichte van de (gedwongen) hulpverlening;
- het over verdachte uitgebrachte Pro Justitia (triple) rapport gedateerd [datum] , opgesteld door [naam 3] (psychiater), [naam 4] (GZ-psycholoog) en [naam 5] (forensisch milieuonderzoeker), waarin is vermeld dat verdachte niet heeft willen meewerken aan het onderzoek.
7.Vorderingen benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
- verplicht eigen risico à € 332,45
- gescheurd overhemd à € 50,-
- immateriële schade à € 1.500,-
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
12 (twaalf) maanden.
[aangever feit 2]geleden schade tot een bedrag van
€ 400,- (zegge: vierhonderd euro), bestaande uit € 50,- als vergoeding voor de materiële schade en € 350,- als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 23 juli 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [aangever feit 2] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.
[aangever feit 2]de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van
€ 400,-
(zegge: vierhonderd euro)en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 23 juli 2017 tot aan de dag der algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van 8 dagen. De toepassing van de gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.
[aangever feit 3]niet-ontvankelijk in de vordering.