Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
2.De verdere beoordeling
3.De beslissing
16 september 2020zodat de eisende partij de hierboven bedoelde inlichtingen kan verstrekken;
Rechtbank Noord-Holland
De eisende partij, ANWB B.V., heeft de gedaagde partij gedagvaard wegens wanbetaling van een ANWB lidmaatschap met Wegenwacht service. De gedaagde is niet verschenen, waarna verstek is verleend. De rechtbank constateert dat de dagvaarding onvoldoende informatie bevat om aan de vereisten van artikel 21 Rv Pro te voldoen en dat er sprake is van schending van artikel 111 lid 2 sub d Rv Pro.
De overeenkomst betreft een verzekeringsovereenkomst, zoals bevestigd aan de hand van de algemene voorwaarden en het arrest van de Hoge Raad van 14 februari 2014. De toepasselijkheid van de Wet op het financieel toezicht (Wft) wordt onderzocht, waarbij de eisende partij wordt verzocht zich hierover uit te laten. Tevens wijst de rechtbank op de ambtshalve toetsing van (pre)contractuele informatieverplichtingen uit de Wft en het Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen (BGfo).
De eisende partij wordt erop gewezen dat informatieverstrekking niet volstaat via algemene voorwaarden, maar duidelijk en begrijpelijk aan de consument moet worden verstrekt. Ook de toepasselijkheid van consumentenbeschermende bepalingen en de gevolgen van een mogelijke tussentijdse beëindiging van de overeenkomst worden besproken. De eisende partij krijgt de gelegenheid om nadere informatie te verstrekken over de aard van de overeenkomst, de toepasselijkheid van de Wft, de informatieverplichtingen en de beëindiging van de overeenkomst.
De zaak wordt aangehouden tot 16 september 2020 om de gevraagde informatie te ontvangen, waarna verdere beslissing volgt.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden tot 16 september 2020 voor nadere informatie van de eisende partij over de verzekeringsovereenkomst en toepasselijke regelgeving.