ECLI:NL:RBNHO:2020:912
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslissing op verzoek tot aanhouding beëindiging schuldsaneringsregeling en verlening schone lei
De rechtbank Noord-Holland behandelde het verzoek van de schuldenaar om de beëindiging van zijn schuldsaneringsregeling aan te houden in afwachting van lopende en voorgenomen klachtprocedures. De rechtbank oordeelde dat deze procedure uitsluitend ziet op de vraag of de schuldenaar tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit de regeling en of dit aan hem kan worden toegerekend.
De bewindvoerder en de rechter-commissaris concludeerden dat de schuldenaar aan zijn verplichtingen heeft voldaan, en geen schuldeiser bracht hiertegen bezwaar in. De rechtbank stelde vast dat de schuldenaar niet tekort is geschoten en verleende hem daarom de schone lei, waarmee de schuldsaneringsregeling wordt beëindigd zodra het vonnis in kracht van gewijsde is gegaan.
Daarnaast stelde de rechtbank het salaris van de bewindvoerder vast op maximaal €3.215,90 en bepaalde dat de kosten van het arbeidsdeskundig onderzoek, voor zover niet uit de boedel voldaan, ten laste van de Staat komen. Het verzoek tot aanhouding van de beëindiging werd afgewezen, omdat het belang van de schuldenaar in andere procedures geen grond is voor verlenging van de schuldsaneringstermijn.
Uitkomst: De rechtbank verleent de schuldenaar de schone lei en wijst het verzoek tot aanhouding van de beëindiging van de schuldsaneringsregeling af.