Uitspraak
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
- het op naam van verdachte staand Uittreksel Justitiële Documentatie, gedateerd 28 september 2020, waaruit blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld;
- het over verdachte uitgebrachte voorlichtingsrapport, gedateerd 29 mei 2020, opgemaakt door [reclasseringswerker] , als reclasseringswerker verbonden aan Reclassering Nederland
7.Vorderingen benadeelde partijen
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
2 (twee) weken, met bevel dat deze straf
nietten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond dat verdachte voor het einde van de op één jaar bepaalde proeftijd zich aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
[aangeefster 1]geleden schade tot een bedrag van
€ 750,- (zevenhonderdvijftig euro), als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 12 november 2018 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [aangeefster 1] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.
15 (vijftien) dagen gijzeling, en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 november 2018 tot aan de dag der algehele voldoening. De toepassing van de gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.
[aangeefster 2]geleden
€ 1.283,88 (twaalfhonderddrieëntachtig euro en achtentachtig cent), bestaande uit € 533,88 (vijfhonderddrieëndertig euro en achtentachtig cent) als vergoeding voor de materiële en € 750,- (zevenhonderdvijftig euro) als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 29 oktober 2018 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [aangeefster 2] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.
22 (tweeëntwintig) dagen gijzelingen bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 29 oktober 2018 tot aan de dag der algehele voldoening. De toepassing van de gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.