ECLI:NL:RBNHO:2020:9550
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2013 en 2014 terecht opgelegd zonder ambtelijk verzuim
Eiser heeft navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (ib/pvv) voor de jaren 2013 en 2014 ontvangen, waarbij de aftrek van specifieke zorgkosten door de Belastingdienst was beperkt. Eiser maakte bezwaar en verzocht om een kostenvergoeding. Na onderzoek oordeelde de rechtbank dat geen sprake was van ambtelijk verzuim bij het opleggen van de navorderingsaanslagen, omdat de inspecteur niet eerder bekend was met de feiten die tot navordering leidden en het onderzoek zorgvuldig en voortvarend was uitgevoerd.
De rechtbank stelde vast dat eiser de bewijslast droeg voor de aftrekposten, en dat voor de jaren 2013 en 2014 een deel van de dieetkosten en extra kosten voor kleding en beddengoed terecht in aftrek konden worden gebracht. De navorderingsaanslag 2013 werd vernietigd, terwijl de aanslag 2014 werd verminderd. De rechtbank wees het verzoek om kostenvergoeding voor de bezwaarfase af, omdat eiser pas laat onderbouwende stukken had overgelegd.
Daarnaast kende de rechtbank een immateriële schadevergoeding van €1.000 toe wegens een overschrijding van de redelijke termijn van ongeveer negen maanden. De proceskosten van eiser werden vastgesteld op €1.050 en de griffierechten werden vergoed. De uitspraak werd gedaan door rechter F. Kleefmann op 26 november 2020 in Haarlem.
Uitkomst: De navorderingsaanslag 2013 is vernietigd, de navorderingsaanslag 2014 verminderd en eiser krijgt een immateriële schadevergoeding van €1.000 toegekend.