ECLI:NL:RBNHO:2021:10327
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verwijzing zaak nakoming echtscheidingsconvenant naar juiste procedure en rechter
In deze zaak vorderen ex-echtgenoten nakoming van een echtscheidingsconvenant en het bijbehorende ouderschapsplan. De procedure werd ingeleid via een dagvaarding, maar de kantonrechter oordeelt dat dit onjuist is omdat volgens de Hoge Raad van 2 mei 2003 de verzoekschriftprocedure dwingend voorgeschreven is voor alimentatiezaken, ook bij overeenkomsten.
De kantonrechter verklaart zich daarom onbevoegd de vorderingen te behandelen en verwijst de zaak zonder nadere aanhouding door naar de civiele rechter, sectie Familie en Jeugd, locatie Alkmaar. De procedure wordt voortgezet volgens de regels van de verzoekschriftprocedure.
De proceskosten worden aan eisers opgelegd wegens het verkeerde procederen. Tevens wordt gewezen op mogelijke verhoogde griffierechten na verwijzing en op de mogelijkheid van een lager griffierecht bij onvermogendheid.
Het vonnis is gewezen door kantonrechter B. Voogd en op 17 november 2021 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Kantonrechter verklaart zich onbevoegd en verwijst de zaak naar de civiele rechter sectie Familie en Jeugd voor voortzetting volgens verzoekschriftprocedure.