ECLI:NL:RBNHO:2021:10843
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding en verdeling huwelijksgemeenschap met voortgezet gebruik woning
Partijen zijn gehuwd te [stad] op [datum] en hebben beiden de Nederlandse nationaliteit. De vrouw had bij huwelijk de Thaise nationaliteit. De man verzoekt de echtscheiding uit te spreken wegens duurzame ontwrichting van het huwelijk. De rechtbank wijst het verzoek toe aangezien het niet is weersproken en op de wet is gegrond.
De man verzoekt tevens dat een convenant deel uitmaakt van de beschikking, maar aangezien geen convenant is gesloten wordt dit afgewezen. Subsidiair verzoekt hij het voortgezet gebruik van de woning toe te kennen aan hem voor zes maanden, wat de rechtbank toewijst aan de vrouw als niet weersproken.
Met betrekking tot de verdeling van de huwelijksgemeenschap stelt de rechtbank vast dat het Haags Huwelijksvermogensverdrag 1978 van toepassing is en dat het Nederlandse recht geldt. Het verzoek van de man tot verdeling is onvoldoende gespecificeerd en onderbouwd, waardoor dit wordt afgewezen. De rechtbank beveelt partijen tot verdeling over te gaan bij een notaris en benoemt een notaris voor het geval partijen geen overeenstemming bereiken.
De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders verzochte wordt afgewezen. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden.
Uitkomst: Echtscheiding uitgesproken, voortgezet gebruik woning toegekend aan vrouw en partijen bevolen tot verdeling huwelijksgemeenschap over te gaan.