ECLI:NL:RBNHO:2021:1361
Rechtbank Noord-Holland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontruiming woning wegens dringend eigen gebruik wegens twijfel over huuropzegging
Eiseres, eigenaar van een pand met een beneden- en bovenwoning, heeft de huurovereenkomst van de bovenwoning opgezegd wegens dringend eigen gebruik, met het oog op mantelzorg. Gedaagde huurt de bovenwoning en verzet zich tegen de opzegging. In een kort geding vordert eiseres ontruiming van de bovenwoning.
De kantonrechter stelt vast dat tussen partijen na de opzeggingsbrief nadere afspraken zijn gemaakt over de huurprijs, waarbij eiseres een huurverhoging in drie stappen voorstelt en gedaagde deze accepteert. Dit wekt de indruk dat de opzeggingsdatum niet meer gehandhaafd werd en de huur voortgezet zou worden.
Gezien deze omstandigheden acht de kantonrechter het niet redelijk dat eiseres zich nog kan beroepen op de opzeggingsbrief. Hierdoor is niet aannemelijk dat de vordering in de bodemprocedure zal slagen. De vordering tot ontruiming wordt daarom afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt afgewezen omdat niet aannemelijk is dat de huuropzegging standhoudt.