Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Boxtom B.V.
Rechtbank Noord-Holland
Boxtom B.V. heeft een vordering ingesteld tegen [gedaagde] wegens niet-betaalde huur van vijf tijdelijke woonunits vanaf november 2018. Ondanks herhaalde aanmaningen is een bedrag van €8.077,96 onbetaald gebleven. Boxtom vordert betaling van dit bedrag, vermeerderd met contractuele rente en incassokosten.
[gedaagde] erkent de huurovereenkomst en de schuld, maar wijst de exorbitante contractuele rente af en licht toe dat zij door een brand getroffen is en wacht op afwikkeling van de verzekeringsmaatschappij. De kantonrechter stelt vast dat [gedaagde] een consument is en past daarom ambtshalve de beschermende bepalingen van het Europees consumentenrecht toe.
De kantonrechter wijst de hoofdsom van €8.077,96 toe, maar verwerpt de buitengerechtelijke incassokosten wegens onvoldoende onderbouwing van de aanmaningsdatum. Het contractuele rentebeding wordt vernietigd als oneerlijk beding, waardoor ook de subsidiair gevorderde wettelijke rente niet toewijsbaar is. De proceskosten worden aan [gedaagde] opgelegd en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Hoofdsom van €8.077,96 toegewezen, contractuele rente en incassokosten afgewezen wegens oneerlijk beding en onvoldoende bewijs.