ECLI:NL:RBNHO:2021:3747

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
30 april 2021
Publicatiedatum
4 mei 2021
Zaaknummer
9164755 \ VV EXPL 21-61
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Regelingsvonnis over beëindiging huurovereenkomst met wederzijds goedvinden

In deze zaak heeft Stichting Elan Wonen een kort geding aangespannen tegen de huurder van een flatwoning. Op 21 april 2021 werd de gedaagde gedagvaard en een zitting gepland op 30 april 2021. Voorafgaand aan de zitting hebben partijen op 27 april 2021 een onderlinge regeling getroffen en verzocht deze in een vonnis te laten opnemen.

De kantonrechter heeft geen aanleiding gezien om het verzoek af te wijzen en heeft de regeling zoals overeengekomen tussen partijen in het vonnis vastgelegd. De regeling houdt onder meer in dat de huurovereenkomst met wederzijds goedvinden per 3 mei 2021 eindigt, dat Elan Wonen een bedrag van € 2.500,00 op een derdenrekening stort, en dat de huurder de woning uiterlijk op die datum leeg en ontruimd oplevert.

Verder is bepaald dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen en dat het vonnis uitvoerbaar bij voorraad is. De kantonrechter wijst de vordering voor het overige af. Het vonnis is op 30 april 2021 in het openbaar uitgesproken door kantonrechter I. de Greef.

Uitkomst: De kantonrechter bekrachtigt de regeling over de beëindiging van de huurovereenkomst en veroordeelt partijen deze na te komen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 9164755 \ VV EXPL 21-61
Uitspraakdatum: 30 april 2021
Vonnis van de kantonrechter in kort geding in de zaak van:
de stichting
Stichting Elan Wonen
gevestigd te Haarlem
eiseres
verder te noemen: Elan Wonen
gemachtigde: mr. R. Boekhoff
tegen
[gedaagde]
wonende te [woonplaats]
gedaagde
verder te noemen: [gedaagde]
gemachtigde: mr. B. Keybeck

1.Het procesverloop

1.1.
Elan Wonen heeft [gedaagde] op 21 april 2021 gedagvaard. Op 30 april 2021 zou een zitting plaatsvinden. Partijen hebben op 27 april 2021 middels faxberichten laten weten dat zij onderling een regeling hebben getroffen. Zij hebben verzocht om deze regeling in een vonnis te laten opnemen.

2.De beoordeling

2.1.
De kantonrechter ziet geen aanleiding om niet aan voornoemd verzoek van partijen te voldoen en zal beslissen in overeenstemming met deze regeling, zoals hierna onder de beslissing vermeld.
2.2.
Gelet op de getroffen regeling is het redelijk dat partijen ieder de eigen proceskosten dragen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
stelt vast dat partijen de navolgende regeling hebben getroffen:
De tussen partijen geldende huurovereenkomst met betrekking tot de flatwoning aan [adres] eindigt met wederzijds goedvinden per 3 mei 2021;
Elan Wonen maakt een bedrag van € 2.500,00 over naar de derdenrekening van het kantoor van mr. B. Keybeck ( [rekeningnummer] );
[gedaagde] is verplicht de flatwoning aan [adres] uiterlijk 3 mei 2021 leeg en ontruimd aan Elan Wonen op te leveren en mee te werken aan een voor- en eindinspectie van deze woning op 3 mei 2021;
Zodra de flatwoning per 3 mei 2021 volledig leeg en ontruimd aan Elan Wonen is opgeleverd is mr. B. Keybeck gerechtigd het hiervoor sub 2 bedoelde bedrag van
€ 2.500,00 aan [gedaagde] door te betalen;
Ten aanzien van de achterstallige huur en stookkosten reserveren beide partijen hun rechten en weren;
Elan Wonen zorgt ervoor dat het door [gedaagde] ingeschakelde verhuisbedrijf op 3 mei 2021 volledige toegang zal hebben tot de flatwoning, dat wil zeggen dat zij met een vrachtwagenlift bij de flatwoning kan geraken alsmede dat de trappenhal vrij is;
Elan Wonen draagt zorg voor het verwijderen en de afvoer van de in de flatwoning aanwezige vloerbedekking.
3.2.
veroordeelt partijen deze regeling, voor zover die nog niet is uitgevoerd, na te komen;
3.3.
bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;
3.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.5.
wijst de vordering voor het overige af.
Dit vonnis is gewezen door mr. I. de Greef en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter