Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
FBTO Zorgverzekeringen N.V.
Rechtbank Noord-Holland
In deze zaak vordert FBTO Zorgverzekeringen betaling van zorgverzekeringspremies over de periode van 30 december 2019 tot 1 april 2020 van gedaagde, die dit betwist vanwege zijn deelname aan elektronische detentie.
De kantonrechter stelt vast dat de rechten en plichten uit de zorgverzekeringsovereenkomst op grond van artikel 24 lid 1 Zvw Pro alleen worden opgeschort tijdens intramurale detentie, waarbij de Minister van Justitie verantwoordelijk is voor de zorg. Deelname aan elektronische detentie, een extramurale maatregel, leidt niet tot opschorting van de verzekeringsplicht.
Gedaagde was van 21 mei 2019 tot 30 december 2019 intramuraal gedetineerd en vanaf 30 december 2019 tot 6 maart 2020 onder elektronische detentie. FBTO heeft de verzekering terecht opgeschort tijdens de intramurale detentie en hervat vanaf 30 december 2019. De vordering tot betaling van premies en wettelijke rente wordt toegewezen, maar de buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De kantonrechter veroordeelt gedaagde tot betaling van €287,23 plus wettelijke rente en proceskosten, en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van zorgverzekeringspremies en wettelijke rente over de periode 30 december 2019 tot 1 april 2020.