ECLI:NL:RBNHO:2021:7995
Rechtbank Noord-Holland
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Oneerlijke handelspraktijk door onthouden ontbindingsrecht bij jaarabonnement
De zaak betreft een geschil over het afsluiten van een jaarabonnement waarbij de eisende partij, De Efteling B.V., de gedaagde partij het recht van ontbinding op afstand heeft onthouden. De kantonrechter heeft vastgesteld dat dit recht op grond van artikel 6:230o lid 1 sub a BW geldt binnen veertien dagen na het sluiten van de overeenkomst.
De eisende partij stelde dat het ontbindingsrecht gerechtvaardigd was onthouden vanwege reserveringen die abonnementhouders moeten maken, waardoor het lastig zou zijn om een nieuwe afnemer te vinden. De kantonrechter oordeelde echter dat dit niet is aangetoond voor het gehele jaarabonnement en dat het onthouden van het ontbindingsrecht daarom onterecht was.
Hierdoor is sprake van een oneerlijke handelspraktijk en is de overeenkomst vernietigd. De vordering tot betaling van het abonnementsgeld, wettelijke rente en incassokosten is afgewezen. De eisende partij is veroordeeld in de proceskosten, die nihil zijn vastgesteld.
Uitkomst: De vordering tot betaling van het jaarabonnement wordt afgewezen wegens oneerlijke handelspraktijk door het onthouden van het ontbindingsrecht.