Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 29 juli 2020 (hierna: het tweede tussenvonnis),
- het deskundigenbericht van 3 december 2020 met bijlagen,
- de conclusie na deskundigenbericht van Gourmet met productie 50,
- de conclusie na deskundigenbericht van [gedaagde] met producties 5 t/m 9,
- de e-mail van mr. Koppenol van 2 maart 2021 en de e-mail van mr. De Ruiter van 5 maart 2021, waarna Gourmet in de gelegenheid is gesteld om bij akte op de producties 5 t/m 9 van [gedaagde] te reageren,
- de akte houdende uitlating producties van Gourmet.
2.De verdere beoordeling
- De conclusie van de deskundige dat de veredeling tot succes zou hebben geleid, is onvoldoende gemotiveerd.
- De deskundige heeft nauwelijks aandacht besteed aan de wet- en regelgeving bij veredeling en vermeerdering. Als al enig positief veredelingsresultaat zou zijn bereikt, dan had het zaad goedgekeurd moeten worden door Naktuinbouw en moeten worden geregistreerd in het Nederlandse Rassenregister. Omdat dit niet is gebeurd, mag het zaad niet worden verhandeld en ook niet door contracttelers worden gebruikt. Het veredelingsresultaat heeft daarmee geen enkele commerciële waarde.
- In het deskundigenrapport is onderbelicht gebleven dat zich geen of in mindere mate schade had voorgedaan als Gourmet had veredeld volgens de regels der kunst. Dat wil zeggen dat Gourmet (i) het materiaal had moeten verspreiden over verschillende percelen, (ii) reservezaad achter had moeten houden en (iii) ieder jaar zowel zaad had moeten zaaien als bollen had moeten planten waardoor het gehele traject van twee jaar (gecombineerd) had kunnen worden teruggebracht naar één jaar.
- De deskundige heeft miskend dat een contractteler altijd indirect of direct de kosten van het zaaizaad betaalt. De deskundige heeft dan ook ten onrechte rekening gehouden met de kosten van vervangend zaaizaad.
extrakosten waarmee Gourmet in deze nader te bepalen periode(n) wordt geconfronteerd, dient [gedaagde] in beginsel aan Gourmet te vergoeden. Dit betekent dat, zoals [gedaagde] terecht heeft aangevoerd, bij de begroting van de schade rekening moet worden gehouden met een mogelijke kostenbesparing. Het ligt immers voor de hand dat Gourmet in de betreffende periode(n) ook kosten had gehad om het eigen zaad te produceren, die zij zich nu bespaart.