Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
- de vader, vertegenwoordigd door mr. I.M. Thieme.
- [vertegenwoordiger van de GI] en [vertegenwoordiger van de GI] namens de GI;
Rechtbank Noord-Holland
De GI verzocht om een machtiging voor uithuisplaatsing van de minderjarige gedurende de resterende duur van de ondertoezichtstelling, vanwege onveilige thuissituatie door het onvoorspelbare gedrag van de vader en zijn onvermogen om adequaat om te gaan met de diabeteszorg van het kind.
De rechtbank had reeds een spoedmachtiging voor vier weken verleend en behandelde op 16 november 2022 de zaak met gesloten deuren. De minderjarige verbleef inmiddels in een pleegzorgvoorziening waar zij opbloeide en haar school bezocht. De vader erkende zijn woedeproblemen maar ontkende onvoorspelbaar gedrag, terwijl de minderjarige aangaf niet meer naar huis te durven.
De kinderrechter oordeelde dat de uithuisplaatsing noodzakelijk is voor de verzorging, opvoeding en gezondheid van de minderjarige. De vader legt de schuld buiten zichzelf en moet hulpverlening accepteren om zijn woedebeheersing te verbeteren. De beschikking tot uithuisplaatsing wordt gehandhaafd en verlengd tot het einde van de ondertoezichtstelling op 30 maart 2023, met behoud van contactmogelijkheden tussen vader en kind.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot uithuisplaatsing toe en verlengt de machtiging tot 30 maart 2023.