Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
NS Reizigers B.V.
Rechtbank Noord-Holland
NS Reizigers B.V. heeft een vordering ingesteld tegen een gedaagde wegens niet-betaalde reiskosten en kosten voor het gebruik van een OV-fiets. De gedaagde is niet verschenen, waarna verstek is verleend.
De kantonrechter bevestigt dat de reisovereenkomst valt onder de uitzondering van artikel 6:230h lid 5 BW, waarbij de overeenkomst ontstaat bij het instappen en eindigt bij het uitstappen. NS Reizigers heeft voldoende aangetoond dat aan de informatieplichten is voldaan en dat een bedrag van €68,69 aan reiskosten toewijsbaar is.
Daarnaast kwalificeert de kantonrechter de OV-fietskosten als kosten voor een aanvullende dienst volgens artikel 6:230j BW. De gedaagde heeft uitdrukkelijk ingestemd met deze kosten. De gevorderde kosten van €63,50, inclusief toeslagen conform de productvoorwaarden, worden als redelijk beoordeeld en toegewezen.
De totale hoofdsom van €132,19 wordt toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 22 maart 2022. Ook worden buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten aan de zijde van NS Reizigers toegewezen, terwijl de kosten voor de extra akte voor rekening van de eisende partij blijven.
De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het totaalbedrag van €172,19 plus rente en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €172,19 plus wettelijke rente en proceskosten.