ECLI:NL:RBNHO:2022:2685
Rechtbank Noord-Holland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onvoldoende bewijs van 'treintje rijden' op parkeerterrein
Parkeerbeheer IJmuiden heeft een vordering ingesteld tegen gedaagde wegens vermeend 'treintje rijden', waarbij gedaagde het parkeerterrein zou hebben verlaten zonder te betalen door vlak achter een voorganger aan te rijden. Parkeerbeheer baseerde de vordering op de algemene voorwaarden en het systeem van kentekenherkenning, dat echter niet werkt bij aankoop van een parkeerkaart bij het hotel.
Gedaagde betwist de vordering en stelt dat hij contant heeft betaald bij het hotel, maar de kwitantie niet heeft bewaard. Hij was in de veronderstelling dat het kenteken werd gescand en dat wachten op het sluiten van de slagboom niet nodig was. Parkeerbeheer kon niet aantonen dat gedaagde op de hoogte was van het niet functioneren van kentekenherkenning bij hotelparkeerkaarten.
De kantonrechter oordeelt dat Parkeerbeheer onvoldoende bewijs heeft geleverd om vast te stellen dat gedaagde het terrein zonder betaling heeft verlaten door 'treintje rijden'. Het verweer van gedaagde is consistent en niet effectief weerlegd. Daarom wordt de vordering afgewezen en komen de proceskosten voor rekening van Parkeerbeheer.
Uitkomst: De vordering van Parkeerbeheer IJmuiden wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van 'treintje rijden'.