Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
Namens ondergetekenden door middel van een juridische procedure een rechtsvordering(en) in te stellen tegen, schikkingsonderhandelingen te voeren met en/of vaststellingsovereenkomst(en) te sluiten met deBeverwijkse Bazaar B.V.(…) met betrekking tot het geschil over de servicekosten, teveel betaalde servicekosten voor zover noodzakelijk met terugwerkende kracht te mogen vorderen van deBeverwijkse Bazaar B.V., te mogen verzoeken om eindafrekeningen al dan niet met terugwerkende kracht, te mogen verzoeken om nadere specificering van deze eindafrekeningen, voor zover nodig de huurdersrechten te mogen uitoefenen namens ondergetekende, te mogen verzoeken om schadevergoeding dan wel huurcompensatie of huurkorting.
Ondergetekenden cederen zowel ieder voor zich, als lid van deOndernemersvereniging De Bazaarvan alle rechtsvorderingen die voortvloeien uit het geschil als omschreven onder 1 aan deOndernemersvereniging De Bazaar. De volmacht strekt tevens tot incasso van deze rechtsvorderingen en om tot inning ervan over te gaan. Voorts machtigen ondergetekenden het bestuur om mededeling te doen van deze cessie aan de Beverwijkse Bazaar B.V.
3.De vordering
primair i)te bevelen dat De Bazaar aan de Ondernemersvereniging dient af te geven: 1) afrekeningen van de servicekosten over de jaren 2010 tot en met 2020; 2) overzichten van de wijze van totstandkoming van de servicekosten die in rekening zijn gebracht bij de leden van de Ondernemersvereniging over de jaren 2010 tot en met 2020; 3) de onderliggende oorspronkelijke facturen van de definitieve servicekosten over de jaren 2010 tot en met 2020; 4) de schriftelijke controleverklaring(en) van een registeraccountant over de definitieve servicekosten over de jaren 2010 tot en met 2015; 5) overzichten van duidelijke plattegronden waar De Bazaar de verhuurde winkeloppervlaktes op baseert cq mee rekent; een en ander op straffe van een dwangsom;
ii)voor recht te bepalen dat het percentage voor de administratiekosten niet hoger dient uit te vallen dan 5% over het totaal aan servicekosten over de jaren 2010 tot en met 2020;
ii)voor recht te bepalen dat het percentage voor de administratiekosten niet hoger dient uit te vallen dan 5% over het totaal aan servicekosten over de jaren 2014 tot en met 2020;
4.Het verweer
5.De beoordeling
De behartiging van gezamenlijke ondernemersbelangen”. Daarnaast stelt de Ondernemersvereniging dat zij in elk geval kan optreden voor haar drie met name genoemde leden, te weten [ondernemer 1] , [ondernemer 3] en [ondernemer 2] . De Bazaar betwist echter dat deze drie personen lid zijn en de Ondernemersvereniging heeft dat lidmaatschap niet onderbouwd. Er kan in deze procedure daarom niet van worden uitgegaan dat de Ondernemersvereniging namens [ondernemer 1] , [ondernemer 3] en [ondernemer 2] optreedt vanwege hun lidmaatschap van die vereniging.
de behartiging van gezamenlijke ondernemersbelangen” van de ondernemers op de Bazaar nastreeft. Voor zover de Ondernemersvereniging daarmee bedoelt een beroep te doen op artikel 3:305a van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) faalt dat beroep. Op grond van dat artikel kan een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid een rechtsvordering instellen die strekt tot bescherming van gelijksoortige belangen van andere personen, voor zover zij deze belangen ingevolge haar statuten behartigt en deze belangen voldoende zijn gewaarborgd. In het tweede lid van dat artikel is bepaald dat de belangen van de personen tot bescherming van wier belangen de rechtsvordering strekt, voldoende gewaarborgd zijn, wanneer de rechtspersoon voldoende representatief is, gelet op de achterban en de omvang van de vertegenwoordigde vorderingen en wanneer deze rechtspersoon beschikt over onder a tot en met e opgesomde eigenschappen. Zo dient die rechtspersoon te beschikken over een toezichthoudend orgaan (onder a), passende en doeltreffende mechanismen voor de deelname aan of vertegenwoordiging bij de besluitvorming van de personen tot wier belangen de rechtsvordering strekt (onder b), voldoende financiële middelen (onder c), een algemeen toegankelijke website (onder d) en voldoende ervaring en deskundigheid ten aanzien van het instellen en voeren van de rechtsvordering (onder e).
16.4De kosten van meegeleverde zaken en diensten vallen uiteen in de volgende componenten: (a) technische kosten; (b) energiekosten; (c) algemene exploitatiekosten; (d) kosten in verband met promotie van de markt; (e) 15% administratiekosten over de som van de componenten a, b, c en d16.1(…) Binnen een redelijke termijn, zo enigszins mogelijk binnen dertien periodes na afloop van het kalenderjaar ontvangt huurder van verhuurder een eindafrekening van de kosten voor meegeleverde zaken en diensten over het voorliggende kalenderjaar. Bij de eindafrekening, gerelateerd aan het door huurder gehuurde oppervlak, overlegt verhuurder een toelichting op de definitieve kosten voor meegeleverde zaken en diensten met – voor zover mogelijk – een uitsplitsing naar de verschillende componenten. De berekeningen die aan de definitieve kosten voor meegeleverde zaken en diensten ten grondslag ligt, wordt gecontroleerd door een registeraccountant die hiervoor een verklaring geeft. Verhuurder zal een afschrift van deze verklaring bij de eindafrekening aan huurder doen toekomen.