Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Het verloop van de procedure
Overwegingen
De uitspraak
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het veroorzaken van onnodig geluid met een motorvoertuig. Tegen deze boete stelde betrokkene beroep in bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter, die de zaak op 18 maart 2022 behandelde.
De gemachtigde van betrokkene voerde uitsluitend aan dat het boetebedrag verlaagd moest worden naar het nieuwe tarief dat geldt voor de betreffende feitcode. De kantonrechter stelde vast dat het boetebedrag voor een vergelijkbare gedraging (parkeren op gehandicaptenparkeerplaats) was verlaagd van €400 naar €250. Gezien deze wijziging matigde de kantonrechter de boete tot €310, vermeerderd met administratiekosten.
Daarnaast werd het verzoek om proceskostenvergoeding toegewezen, omdat betrokkene deels in het gelijk werd gesteld. De totale proceskostenvergoeding werd vastgesteld op €1.164,75, verdeeld over de procedures bij de officier van justitie en de kantonrechter. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter S. Slijkhuis en in het openbaar uitgesproken op 25 maart 2022.
Uitkomst: De boete is gematigd tot €310, vermeerderd met administratiekosten, en proceskostenvergoeding van €1.164,75 is toegekend.